Contact  |

Wie krijgt (nog) geen hulp?

Aantal wachtenden voor Niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp (NRTJ) (2017-2019)

Kinderen en jongeren die hulp nodig hebben, worden zo veel als mogelijk op maat, laagdrempelig en via ondersteuning thuis geholpen. Die diensten zijn vrij beschikbaar voor alle kinderen, jongeren en hun ouders. Daarom heet dit de rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp (RTJ). De overheid houdt daar zelf op dit moment geen wachtlijstgegevens over bij.

Wie intensieve jeugdhulp nodig heeft, kan daarvoor worden aangemeld bij de intersectorale toegangspoort, een dienst van het agentschap Opgroeien. Ook hier wordt op maat gewerkt. De toegangspoort bepaalt wie welke soort hulp nodig heeft en wijst die ook toe. Om die reden heet dit Niet Rechtstreeks Toegankelijke Jeugdhulp (NRTJ).
Die hulp is ingrijpender en gespecialiseerd; vaak gaat het over een verblijf in een pleeggezin of in een residentiële voorziening, o.a. naar aanleiding van een verontrustende situatie in het gezin of naar aanleiding van de handicap van een kind of jongere. Over deze soort hulp hebben we wel cijfers over het aantal wachtenden. We bespreken ze hierna.

In 2019 waren er 10.793 nieuwe aanvragen voor hulp bij de toegangspoort. Dat zijn er iets minder dan in 2018 (10.972). 

De gevraagde hulp is helaas niet altijd meteen beschikbaar. Op 31 december 2019 stonden in totaal 5.543 kinderen en jongeren op een NRTJ-wachtlijst (exclusief Persoonlijke assistentiebudget (PAB)). Dat zijn er iets minder dan het jaar voordien (5.600) of een daling met 1 procent. Eind 2017 stonden er 5.273 jongeren op een wachtlijst.

55 procent krijgt/kreeg andere hulp

Belangrijk om te nuanceren is dat wie wacht op een bepaalde vorm van intensieve hulp, ondertussen wel al andere hulp kan krijgen of heeft gekregen.  

Zo is het aantal wachtenden dat ondertussen is geholpen met een NRTJ-alternatief - de groene balkjes - toegenomen: van 25 procent in 2017 (1.361/5.273) tot 36 procent in 2019 (1.996/5.543). Tel je daarbij ook het aantal wachtenden dat al NRTJ-hulp heeft gekregen - de blauwe balkjes -, dan stijgt die verhouding van 40 naar 55 procent.
Ook laagdrempelige jeugdhulp, zoals contextbegeleiding, blijft altijd mogelijk.

(Noot: beweeg met je cursor over de balkjes om de exacte waarden weer te geven)

Aantal unieke kinderen en jongeren op wachtlijst NRTJ-hulp

Doorlooptijd effectief gestarte hulp (2017-2019)

2/3 krijgt hulp binnen de 6 maanden

Van de hulp die effectief is opgestart, krijgt in 2019 gemiddeld 48 procent van de kinderen en jongeren hulp binnen de 3 maanden. (Cijfers exclusief PAB.) Nog eens 13 procent krijgt dit binnen de 6 maanden. Dit betekent dus dat 61 procent van de wachtenden waarvoor hulp is opgestart die hulp krijgt binnen de 6 maanden. 22 procent moet evenwel langer dan een jaar wachten. In vergelijking met 2017 stellen we vast dat de gemiddelde doorlooptijd langer is.

Doorlooptijd effectief gestarte NRTJ Hulp (2017-2019 procenten)

Aantal wachtenden Persoonlijke assistentiebudget (PAB) (2017-2019)

Het aantal wachtenden op een persoonlijke assistentiebudget (PAB) is in 2019 gestegen tot 1.769, een stijging met 15 procent in vergelijking met 2017. Wellicht is de stijging een neveneffect van het uitbreidingsbeleid van de afgelopen jaren. Er zijn opvallend meer aanvragen sinds de extra budgetten voor PAB sinds 2017 zijn toegenomen.

Ook hier is de nuance te maken dat jongeren die wachten op een PAB ook van een andere NRTJ-hulpvorm gebruik kunnen maken. Ook dit stijgt: van 22 procent in 2017 naar 27 procent in 2019.

Aantal unieke kinderen en jongeren op wachtlijst PAB

Aantal wachtenden per hulpvorm (verblijf, begeleiding, diagnostiek en PAB 2017- 2019)

Indien we kijken naar de hulpvormen verblijf, begeleiding, diagnostiek en PAB dan zien we dat er sinds 2017 een stijging is voor alle sectoren voor de module verblijf. Voor de voorzieningen jeugdhulp Opgroeien (inclusief pleegzorg) zien we een opvallende stijging van 2.296 (2017) naar 2.618 (2019) of een stijging van 14 procent. Ook het aantal wachtenden PAB stijgt. Het aantal wachtenden voor begeleiding bij VAPH daalt. Die daling is hoofdzakelijk te wijten aan het rechtstreeks toegankelijk worden van een deel van dit aanbod.

Uit eerdere analyses (bijv door de werkgroep verblijf) leren we dat de druk op de module verblijf hoog blijft. Mogelijke verklaringen hiervoor zijn onder meer dat jongeren, soms met meerdere problematieken, een langere begeleidingsduur nodig hebben, waardoor de doorstroom- en uitstroom minder vlot verloopt dan gehoopt.
Een tweede mogelijke verklaring is dat de leeftijdsgrens voor bijv. contextbegeleiding, verblijf en pleegzorg verhoogd is naar 25 jaar. Hierdoor kan de jeugdhulp de overgang naar zelfstandigheid voor jongvolwassenen beter begeleiden, maar het zorgt tegelijkertijd voor meer druk op het bestaande aanbod.

Aantal unieke kinderen en jongeren op wachtlijst verblijf, begeleiding, diagnostiek, PAB

Ingezoomd: aantal wachtenden verblijf jeugdhulp Opgroeien, per hulpvorm (2017-2019)

Zoomen we even in op het aantal wachtenden verblijf bij de voorzieningen jeugdhulp Opgroeien dan valt de stijging bij de voorzieningen voor minderjarigen op (van 1.422 in 2017 naar 1.515 in 2019, een stijging met 6,5 procent), terwijl het aantal wachtenden pleegzorg in die periode wel gedaald is met 17 procent, (van 884 naar 727)

Noot: de vrij recente module 'beveiligend verblijf voor minderjarigen' is niet in deze grafiek opgenomen wegens het lage aantal (n =5 in 2019).

Ingezoomd: wachtenden Verblijf jeugdhulp Opgroeien, per hulpvorm (2017-2019)

Ingezoomd: aantal wachtenden verblijf per leeftijd (2017-2019)

Onderstaande grafieken tonen het aantal unieke kinderen en jongeren die wachten op module verblijf per leeftijdscategorie en dit voor respectievelijk de voorzieningen jeugdhulp Opgroeien (inclusief pleegzorg), CKG Opgroeien en verblijf Multifunctionele centra (MFC) VAPH (2017-2019)

De tabel met de leeftijdsverdeling voor alle sectoren en hulpvormen voor 2017-2019 kan je hier vinden.

De stijging van het aantal wachtenden bij de voorzieningen jeugdhulp Opgroeien doet zich voor in bijna alle leeftijdscategorieën. Enkel bij de jongste kinderen is sprake van een stabilisatie. Dat laatste kan te maken hebben met de beleidsoptie om sterk in te zetten op pleegzorg voor jonge kinderen en het actieplan zorggarantie voor jonge kinderen. De grootste groep van wachtenden situeert zich bij de voorzieningen jeugdhulp bij de jongeren tussen de 15 en 17 jaar.

Bij de CKG's zien we een wisselend beeld. De specifieke werking richt zich vooral naar jonge kinderen. De grootste groep wachtenden zijn de 3 tot 5-jarigen.

Bij de MFC's van het VAPH zien we dat de grootste groep de 12-14 jarigen zijn, daar valt ook een lichte stijging te noteren. De grootste stijging doet zich voor bij de kinderen tussen 9 en 11 jaar. Bij de andere leeftijdscategorieën is het aantal wachtenden vrij stabiel.

Leeftijdsverdeling unieke kinderen en jongeren op wachtlijst verblijf voorzieningen jeugdhulp Opgroeien

Leeftijdsverdeling unieke kinderen en jongeren op wachtlijst verblijf CKG Opgroeien (2017-2019)

Leeftijdsverdeling unieke kinderen en jongeren op wachtlijst verblijf MFC VAPH (2017-2019)

Bronnen:
Intersectorale toegangspoort: INSISTO, crisismeldpunt: INSISTO, CAP voor GI: DOMINO, OCJ en SDJ: DOMINO, VK MANO: registratiesysteem VK